Waarom LCA en EPD ertoe doen

Onze CO2-voetafdruk, die verantwoordelijk is voor de opwarming van de aarde, wordt veroorzaakt door de hoeveelheid broeikasgassen (BKG) die door de producten en diensten die we consumeren worden uitgestoten. Om de doelstelling van het Parijs-akkoord te realiseren, moeten er manieren worden gevonden om de opwarming van de aarde te beperken tot +2°C, idealiter tot +1,5°C, waarvoor een drastische vermindering van onze broeikasgasemissies nodig is.

Om de CO2-voetafdruk te bepalen van een activiteit of product, voeren we een levenscyclusanalyse (LCA) uit door de broeikasgassen te meten die in de atmosfeer terechtkomen. Zo kunnen we de CO2-voetafdruk van een product, een dienst, een evenement, een bedrijf, een gebouw, of van een land en zelfs van een individu meten.

Wat betreft de LCA van een product; er zijn veel factoren die een rol spelen bij het berekenen van de CO2-voetafdruk. De fabrikant verstrekt aan een derde partij alle informatie over de gevolgen van het winnen van grondstoffen, onderdelen, transport, fabricage, gebruik, onderhoud en uiteindelijk het beheer van het einde van de levensloop van een product. Op deze manier zal de fabrikant eraan werken om het effect op de opwarming van de aarde te verminderen of zelfs om te keren.

De LCA van een product

De bouwsector is verantwoordelijk voor 39% van de CO2 die in de atmosfeer terechtkomt en is daarmee één van de belangrijkste bronnen van broeikasgassen. Om de LCA van een gebouw te berekenen, zal er naast de energiegerelateerde broeikasgasemissies die vrijkomen tijdens het gebruik, de zogenaamde ‘operational carbon’, ook rekening moeten worden gehouden met de ‘embodied carbon’. Embodied carbon betreft de uitstoot in relatie tot de materialen waaruit het gebouw is opgebouwd.

De LCA wordt daarna gebruikt om een Environmental Product Declaration (milieuverklaring voor producten, EPD) op te stellen om besluitvormers te helpen bij het selecteren van materialen die minder impact hebben. Het is een streng proces dat door een onafhankelijke derde partij wordt geverifieerd. Deze verklaring geeft een overzicht van de onderdelen, het energieverbruik, het water en de verschillende milieueffecten. De koolstofimpact wordt uitgedrukt als Global Warming Potential (aardopwarmingsvermogen, GWP). GWP meet de hoeveelheid warmte die door broeikasgassen in de atmosfeer wordt vastgehouden tot een gegeven tijdstip. De emissiefactor is de referentiecoëfficiënt die gebruikt wordt om de emissies te berekenen van de zes broeikasgassen die zijn erkend door het Kyoto Protocol en vertaald in een CO2-equivalent.

De GWP-meting wordt vervolgens opgedeeld in verschillende kenmerkende fasen van de levensloop van een product. De levensloop omvat de embodied en operational carbon die wordt uitgestoten door de winning van de grondstoffen (de wieg) tot aan het einde van de levensloop.

 De levensloop van een product

products life cycle

De fasenanalyse van wieg tot poort (fasen A1 t/m A3) komt overeen met de CO2-uitstoot van grondstofwinning (de wieg) tot het moment waarop een product klaar is om de fabriek te verlaten (de poort).

Van de wieg tot poort

Dit zijn de fasen waarin de fabrikant de meeste invloed kan uitoefenen, omdat de CO2-uitstoot in deze fasen op verschillende manieren kan worden verlaagd. Helaas hebben fabrikanten slechts in beperkte mate invloed op de CO2-emissie van een product nadat het de fabriek heeft verlaten. De fasen van transport, installatie, gebruik en einde levensduur variëren en zijn afhankelijk van de invloed van de belanghebbenden. Daarom is het belangrijk om bij het ontwerpen van een project rekening te houden met fasen A1 t/m A3. Op die manier is het mogelijk om de inspanningen van fabrikanten om hun CO2-uitstoot te verminderen, te vergelijken en zo voor duurzamere producten te kiezen.

In verschillende Europese landen zien we de opkomst van nieuwe bouwnormen die tot doel hebben de CO2-uitstoot in gebouwen te beperken, zoals de E + C- en BBCA-certificeringen in Frankrijk of de Scandinavische landen die een aantal wetten aan het ontwikkelen zijn om embodied carbon te beperken.

 

 

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde artikelen

De markt op met onze CO₂-negatieve tapijttegel

april 8, 2021

In 1997 kwam ik bij Interface als textielexpert. We zijn altijd optimistisch, gedreven en ambitieus geweest. Dat is wat mij in mijn 25 jaar bij het bedrijf heeft gemotiveerd. Al bijna drie decennia hebben we onszelf en onze partners uitgedaagd en hebben we de weg vrijgemaakt voor wat nagenoeg onmogelijk realiteit kon worden. Sinds het…